Bijdragen aan Berghapedia? Kijk hier voor Hulp bij aanmelden

Benen, Hendrikus Wilhelmus

Uit Berghapedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Zijn Jeugd

Vermelding in De Graafschapbode van Benens vertrek van Steenderen naar Nederlands-Indië in juni 1931

Hendrikus Wilhelmus Benen werd geboren te 's-Heerenberg op 31 januari 1901 als zoon van Theodorus Hendrikus Benen (geboren op 4 maart 1870) en Johanna Sibilla van Uum (geboren op 27 juni 1876). Zijn moeder overleed op 21 maart 1903 in het gasthuis in Emmerik.

Zijn vader hertrouwde op 4 mei 1904 met Maria Wilhelmina Lieven (geboren op 9 juni 1877 in Pannerden).

Benen werd op 21 november 1910 als kind zonder zijn vader en stiefmoeder uitgeschreven van de gemeente Bergh naar de gemeente Duiven. Later woonde hij in Sinderen en daarna in Steenderen.

In 1930 of 1931 heeft Benen dienst genomen bij het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). In juni 1931 is hij naar Nederlands-Indië vertrokken.

Nederlands-Indië

Bij het Korps Prajoda

Begin jaren veertig was Benen een periode compagniescommandant bij het Korps Prajoda in Den Pasar op Bali. Dit was een bijzonder inheems hulpkorps dat niet tot de sterkte van het KNIL werd gerekend, maar toch een taak had bij de verdediging van Bali. Het Korps had een eigen geschiedenis, maar werd in zijn toenmalige vorm opgericht in 1936. De commandant en zijn ondercommandanten waren Nederlanders, de manschappen waren Balinezen.

De groepsfoto toont Benen met manschappen van de 3e fuselierscompagnie van het Korps Prajoda. Op het schoolbord achter Benen is te lezen dat hij commandant was van deze compagnie, die op 1 januari 1940 werd opgericht. Mogelijk is de foto gemaakt op de dag van oprichting, maar de leuze "Nederland zal herrijzen" duidt eerder op een dag nádat Nederland door de Duitsers werd bezet.

Benen, in wit uniform, als commandant van de 3e fuselierscompagnie van het Korps Prajoda
Klik op de foto voor een vergroting
Een korte beschrijving van het Korps Prajoda in De Telegraaf van 4 maart 1942 (vier dagen voor het KNIL zich overgaf aan de Japanners). Deze tekst is onderdeel van een langer artikel over bijzondere inheemse hulpkorpsen.
Klik op het knipsel voor een vergroting.

De Tweede Wereldoorlog

Benens Japanse interneringskaart.
Klik op de kaart voor een vergroting

Bij de Japanse inval in januari 1942 was Benen al overgeplaatst naar het XV bataljon infanterie van het KNIL op Java.Toen het KNIL op 8 maart capituleerde, werd hij diezelfde dag krijgsgevangen genomen in Bandoeng op West-Java. Daarna heeft hij op Java in ten minste vier verschillende krijgsgevangenkampen gezeten. De dag van zijn gevangenneming staat op zijn Japanse interneringskaart vermeld als 17-3-8, ofwel 8 maart in het 17e jaar van de regering van keizer Hirohito.

Uit Benens interneringskaart blijkt dat hij met de rang van adjudant-onderofficier was ingedeeld bij het XVe Bataljon Infanterie van het KNIL. Bij dit bataljon diende ook Wim Derksen. In het veld Destination of Report staat een burgeradres in Bandoeng, wat erop duidt dat Benen getrouwd was, of in elk geval dierbaren in de stad had wonen. Zijn stamboeknummer (zoals een leger- of registratienummer bij het KNIL heette) was 83116. Het nummer 82055 in het veld Remarks is pas na 1955 door de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen toegevoegd.

Benen behoorde tot de groep van 2300 krijgsgevangenen die in de nacht van 15 op 16 september 1944 in de haven van Batavia aan boord werden gebracht van het Japanse vrachtschip Junyo Maru. Tot de groep behoorden niet alleen Nederlandse en Indische KNIL-militairen, maar ook enkele Britten, Australiërs en Amerikanen. Daarnaast werden er nog 4200 Javaanse dwangarbeiders aan boord gebracht. Aan bemanning en bewaking waren er naar schatting ongeveer honderd Japanners aan boord.

Het doel van de reis was de Pakan Baroe-spoorlijn op Noord-Sumatra. Dit project is minder bekend dan de Birma-spoorlijn, maar deed er in gruwelijkheid niet voor onder. Echter, de Junyo Maru heeft zijn doel nooit bereikt.

De Junyo Maru vertrok op zaterdag 16 september 1944 onder escorte van twee Japanse korvetten. Twee dagen later voeren de schepen voor de westkust van Sumatra. Daar werden ze opgemerkt door de Britse onderzeeër HMS Tradewind, die de Junyo Maru in de vroege avond met twee torpedo's tot zinken bracht. De Japanners hadden, in strijd met de Geneefse Conventies, nagelaten het schip van de Rode Kruisvlag te voorzien ten teken dat het om een gevangenentransport ging. Hierdoor werd het een legitiem doel voor de Tradewind.

Een van de grootste scheepsrampen uit de geschiedenis was het gevolg: 5600 mensen vonden de verdrinkingsdood. Details van de ramp zijn later in het Japans (dus door de Japanners) onder Other Informations genoteerd op de achterkant van Benens interneringskaart. Het tijdstip van de torpedering was tussen 18.30 en 18.45 en de locatie van het wrak is op 2° 53′ zuiderbreedte en 101° 11′ oosterlengte. Dit is net ten westen van de kustplaats Mukomuko.

Adjudant Benen kreeg aldus op 18 september 1944 een zeemansgraf in de Indische Oceaan. Hij staat nu vermeld in Gedenkboek 38 van de Oorlogsgravenstichting. Hierin staan ook E.Th. van der Heijden en W.A. Kaak vermeld, die bij het zinken van andere schepen zijn verdronken.

Bronnen