Op 16 juni 2018 is een nieuwe versie van Berghapedia geïnstalleerd. Eventuele problemen a.u.b. hier melden.

Patersklooster

Uit Berghapedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Adres: 's-Heerenberg Emmerikseweg 13

Het Patersklooster aan de Emmerikseweg is 's-Heerenberg is een kenmerkend gebouw wanneer je vanuit Emmerik 's-Heerenberg binnenrijdt. Begonnen als Bonifatiushuis in 1910, daarna in 1958 hernoemd naar Don Rua tot 1971. Tussen 1971 en 1975 heeft het gebouw leeggestaan todat het in gebruik werd genomen als Gouden Handen, een expositie-locatie voor creatief Nederland. In 1999 werd Gouden Handen ontmanteld en bleef het pand - op enkele horeca-initiatieven na - leegstaan. Na de nodige discussies werd in 2009 gestart met de verbouwing naar koop/huurappartementen en o.a. de dependance van het gemeentehuis van Montferland. In 2015 werd de verbouwing opgeleverd samen met de heringerichte kloostertuin.

Aliassen: Bonifatiushuis | Don Rua | Gouden Handen | Dependance gemeentehuis Montferland

Het ontstaan van het klooster

De stichting van het Patersklooster in 's-Heerenberg was een laat gevolg van de Kulturkampf die in de jaren zeventig van de negentiende eeuw in Duitsland werd gevoerd. De overheid van het Duitse Rijk, dat in 1871 was ontstaan, werd sterk gedomineerd door protestanten. Rijkskanselier Otto von Bismarck wantrouwde de katholieken, omdat die door samenwerking met katholieken buiten het Duitse Rijk de Duitse eenheid zouden ondermijnen. Als gevolg hiervan werden verschillende antikatholieke wetten aangenomen, zoals in 1872 het Jesuitengesetz. Hiermee werden de kloosters van jezuïeten en verwante kloosterorden opgeheven, waarop de bewoners noodgedwongen hun land verlieten.

Jezuïeten uit Bonn en Essen vestigden zich toen in Nederlands Limburg; op een kasteel bij Baexem en op een kasteel bij Afferden. Toen laatstgenoemd kasteel afbrandde en het kasteel bij Baexem te klein bleek om alle jezuïeten te huisvesten, werd gezocht naar een locatie om een nieuw klooster te bouwen. Het oog viel op 's-Heerenberg, waar rentmeester Laurens Meijer van Huis Bergh behulpzaam was bij de aankoop van de benodigde grond.

Detail van een topografische kaart uit 1895. Het Patersklooster is er nog niet
Detail van een topografische kaart uit 1931. Het Patersklooster is duidelijk te zien. Het kloosterterrein liep door tot aan de grens.

De bouw van het Patersklooster

Eerste Steen

Het klooster is een ontwerp van de Akense architect Max Keuchen (1843-1919). Hij liet zich inspireren door het Exerzitienhaus van de jezuïeten in Tisis, een stadsdeel van Feldkirch in Oostenrijk, vlak aan de grens met Liechtenstein. Het gebouw heeft een H-vormig grondplan en is opgetrokken in roodbruine baksteen.

De belangrijkste momenten uit de bouwperiode zijn:

  • 1 juli 1908: begin van grondwerkzaamheden. Het bouwterrein was drassig en moest opgehoogd worden, waarbij tevens een enorme plaat van 55 centimeter dik gewapend beton werd gestort. Dit systeem van funderen werd acht jaar eerder voor het eerst in Duitsland toegepast. De eigenlijke bouw begon in oktober 1908.
  • 11 mei 1909: symbolische eerstesteenlegging, groots gevierd in aanwezigheid hoge jezuïeten en geestelijken en notabelen uit 's-Heerenberg en Emmerik.
  • 18 oktober 1910: plechtige inwijding van het klooster in aanwezigheid van de aartsbisschop van Utrecht en de bisschop van Fulda. Enkele jezuïeten waren al sinds de aanvang van de bouwwerkzaamheden in 's-Heerenberg, maar de meeste waren in september 1910 aangekomen.
Het Exerzitienhaus in Tisis, Oostenrijk, diende als voorbeeld voor het Patersklooster
Kastelein Willem Evers van Grenscafé De Peer schenkt een borrel in voor metselaars aan de kloostermuur.

De namen van het Patersklooster

Sint-Bonifatiushuis

Het beeld van Sint Bonifatius boven de hoofdingang van het Patersklooster

Tot 1958 droeg het Patersklooster de naam Sint-Bonifatiushuis of Sint-Bonifatius College, naar de heilige waaraan de jezuïeten, de stichters van het klooster, het gebouw hadden opgedragen. Dit verklaart de aanwezigheid van de bisschop van Fulda bij de inwijding van het klooster in 1910. De relikwieën van Sint Bonifatius (in 754 bij Dokkum vermoord) worden bewaard in het klooster Fulda, dat Bonifatius tien jaar voor zijn dood in Hessen had gesticht. Bij de inwijding heeft de bisschop van Fulda enkele relikwieën van Bonifatius overgedragen aan het Patersklooster.

Of de relikwieën nog in het Paterklooster zijn, of zijn teruggebracht naar Fulda, is niet bekend. Wel prijkt een beeld van Sint Bonifatius nog altijd hoog boven de hoofdingang.

Huize Don Rua

Toen in 1958 de Salesianen van Don Bosco het Patersklooster betrokken, veranderden zij de naam in Huize Don Rua. Michele Rua (1837-1910) was de rechterhand en eerste opvolger van Giovanni Bosco (1815-1888), de oprichter van de kloosterorde.

Gouden Handen

Na het vertrek van de Salesianen in 1971 opende in 1975 het grootste creativiteitscentrum voor amateurs ter wereld zijn deuren in het Patersklooster. Boven de hoofdingang kwam in grote letters Gouden Handen te staan.

Bewoners en gebruikers

De jezuïeten hebben het Patersklooster tot 1937 bewoond. Daarna is het gebouw in bezit geweest van twee andere kloosterorden en heeft daartussendoor en daarna ook andere bestemmingen gehad. Sinds 1999 is het gebouw een rijksmonument, opgenomen in het monumentenregister onder nummer 514889.

Beeldmateriaal

Het klooster door de jaren heen

Onderstaande foto's tonen het klooster in opeenvolgende perioden van zijn bestaan. Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.

Bouwtekening kelderverdieping

Kopie van Plattegrond kelder klooster 1908.jpg

De bouwtekening van de kelderverdieping door architect Keuchen.
Het H-vormige grondplan is duidelijk te herkennen.

Restanten van de kloostermuur

De fraaie kloostermuur is grotendeels verdwenen. Deze foto's laten zien wat er nog over is; een stukje naast de oude marechausseekazerne en een langer stuk verderop. Ook bij de oude grensovergang is nog een gedeelte te zien. Aan de noordkant van het Stadspark is de muur hersteld.

In de jaren 60 hebben de Paters Salesianen de kloostermuur aan de voorkant, inclusief de poorten, verwijderd. Daardoor werd alles ruimtelijker, letterlijk en figuurlijk. Dit paste in het streven van het Tweede Vaticaans Concilie om de Kerk meer bij de tijd te brengen.

Verbouwingen

Het Patersklooster is in de loop van zijn bestaan enkele keren verbouwd. In 1941 werd er in het zuidelijk deel het een en ander verbroken voordat de matrozen van de Kriegsmarine er hun intrek namen. Na de oorlog moest er voor een geschat bedrag van 60.000 gulden aan schade hersteld worden.

De Salesianen van Don Bosco hebben voor hun komst in 1958 het klooster grondig laten verbouwen. Zij hadden hiervoor de Apeldoornse architect Van Dongen en aannemer Reusken uit Loenen/Eerbeek ingehuurd. Door meerdere binnenmuren weg te breken ontstonden ruimere vertrekken. Later zou blijken dat hierbij wat te rigoureus te werk was gegaan. De sanitaire voorzieningen werden sterk verbeterd, onder meer door de installatie van dertig wc's, dertig urinoirs en tachtig wastafels.

Na de sluiting van Gouden Handen volgde een periode van leegstand en verval. Op initiatief van woningcorporatie Woonzorg Nederland werd uiteindelijk in januari 2011 begonnen met de verbouwing tot een appartementencomplex met 46 levensloopbestendige woningen voor senioren. Woonzorg Nederland stelt voor Gouden Handen de leeftijdsgrens voor een senior op 45 jaar. Eind 2012 werd het complex opgeleverd. Behalve woningen zijn er ook ruimten met een publieksfunctie gerealiseerd, zoals horeca. Sinds februari 2014 is er een publieksbalie van de Gemeente Montferland gevestigd in dit gebouw, dat de naam Gouden Handen behoudt.

Bij de verbouwing van Gouden Handen kwam aan het licht dat het gebouw enkele bouwtechnische tekortkomingen kent. Bij de verbouwing van 1958 waren enkele dragende muren verwijderd, waardoor het dak was verzakt. Dit had tijdens de langdurige leegstand tot lekkage geleid, waardoor ernstige – maar herstelbare – schade was ontstaan. Meer structureel bleek dat de dragende muren op de verschillende verdiepingen niet overal precies boven elkaar staan. De dakspanten staan op hun beurt niet overal boven de dragende muren. Ten slotte bleek bij het aanbrengen van de galerijen aan de achterkant dat de achtergevel ter plaatse dertien centimeter naar buiten overhelt. Deze tekortkomingen benadelen de stabiliteit van het gebouw niet. Het overhellen van de achtergevel (en wie weet ook van andere muren) kan met opzet zijn gedaan om inregenen te verminderen.

Trivia

  • Toen er nog paters in het klooster waren, logeerde Sint Nicolaas er in december. De kinderen wisten het zeker, want voor het middenraam boven de hoofdingang stond dan de sinterklaasstaf.
  • Het prachtige smeedijzeren hek voor het klooster is gesloopt om de bussen van de GTW (later GSM) de ruimte te geven om voor het klooster te keren.

Kaart

<googlemap lat="51.872093" lon="6.247852" zoom="17">51.872258, 6.248356</googlemap>

Bronnen