Bijdragen aan Berghapedia? Klik hier om je aan te melden !

Gelderse Schutterij

Uit Berghapedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Een landelijke schutter
Uit: De Nederlandsche schutterij: een prenteboekje voor de jeugd uit 1831

De Gelderse Schutterij was onderdeel van de Schutterij die koning Willem I op 27 februari 1815 heeft opgericht. In grote lijnen werd hiermee de Schutterij hersteld zoals die voor de Franse tijd (17951813) in de Republiek der Verenigde Nederlanden had bestaan: een gewapende burgerwacht voor lokale ordehandhaving en zo nodig verdediging tegen aanvallen van buitenaf. Deze Schutterij moet niet verward worden met de folkloristische schutterijen die nu nog in verschillende plaatsen in Bergh en elders bestaan.

Volgens de schutterijwet was in elke gemeente een bepaald percentage van de weerbare mannen schutterplichtig. Aanvankelijk was dit 3 procent van de mannen tussen 18 en 50 jaar, maar in 1827 werd dit teruggebracht tot 2 procent van de mannen tussen 25 en 34 jaar. Gemeenten met meer dan 2.500 inwoners hadden een dienstdoende schutterij, die daadwerkelijk exercitie- en schietoefeningen hield. Kleinere gemeenten hadden een rustende schutterij: de schutterplichtigen werden wel opgeroepen en ingeschreven, maar zij oefenden niet.

In het gebied van het historische Land van den Bergh hebben vermoedelijk alleen rustende schutterijen bestaan. De inwoneraantallen van de gemeenten 's-Heerenberg, Zeddam en Netterden (waar Groot- en Klein-Azewijn onder vielen) zullen in 1815 minder dan 2.500 zijn geweest. Ook de gemeente Bergh, die in 1821 ontstond, zal dit aantal niet gauw overschreden hebben. Cijfers over inwoneraantallen ontbreken evenwel.

In 1830, na het uitbreken van de Belgische Opstand, werd zowel de dienstdoende als de rustende Schutterij gemobiliseerd en aan het leger toegevoegd. Aldus hebben destijds tientallen schutterplichtige Berghse mannen bij de Gelderse Schutterij gediend. Geen van hen heeft, voor zover kon worden nagegaan, actief aan de strijd tegen de Belgen deelgenomen, maar het Nederlandse leger is tot 1839 in Noord-Brabant gemobiliseerd geweest. Pas toen heeft koning Willem I ingestemd met de Belgische onafhankelijkheid. De Schutterij werd echter al in 1834 gedemobiliseerd.

Berghenaren bij de Gelderse Schutterij

De Gelderse Schutterij bestond uit twee afdelingen, onderverdeeld in bataljons en compagnieën. De Berghse schutters hebben vooral gediend bij de compagnieën van het 3e Bataljon van de 1e Afdeling. De hoofdmoot van dit bataljon werd evenwel gevormd door schutters uit de Betuwe.

De tabel toont een voorlopige, kleine selectie uit de Berghse schutters. Behalve als schutterplichtige, heeft een enkeling vrijwillig dienst genomen of als plaatsvervanger van een schutterplichtige gediend.

Naam Geboorteplaats Geboortejaar Woonplaats Compagnie
Theodorus te Boekhorst Azewijn 1802 Azewijn 3e en 5e Compagnie
Hermanus Bosman Zeddam 1802 's-Heerenberg 4e en 5e Compagnie
Simon Cohen 's-Heerenberg 1798 's-Heerenberg 2e en 5e Compagnie
Engelbartus van Halteren 's-Heerenberg 1791 's-Heerenberg 2e, 5e en 6e Compagnie
Hendrik van der Sande Arnhem 1803 's-Heerenberg 1e en 5e Compagnie
Theodorus Vos Zeddam 1801 's-Heerenberg 4e en 5e Compagnie

Bronnen