Bijdragen aan Berghapedia? Klik hier om je aan te melden !

Gasseling, Elisabeth Maria

Uit Berghapedia
Versie door Verre neef (overleg | bijdragen) op 1 jul 2026 om 10:33 (Aanvulling)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Ga naar: navigatie, zoeken
De jonge Bertha Gasseling
De bruiloft van Bertha Gasseling en Jan Peters op 25 juni 1946. De bruids- meisjes zijn Ans, Betsie en Thea Veenes.

Korte Levensloop

'Elisabeth Maria (Bertha) Gasseling was boerin op boerderij Goedborg in Lengel. Zij werd op 20 april 1920 geboren in het Wehlse Broek (parochie Kilder) als negende en jongste kind van Franciscus Gasseling en Maria Elisabeth Maria Loeters. Haar vader was bakker en molenaar.

Zij bezocht aanvankelijk de lagere school in Kilder, maar toen haar vader door de intense omgang met meel stoflongen kreeg en gedwongen was zijn bedrijf te verkopen, verhuisde het gezin naar de Goedborg in Lengel. Bertha was toen negen jaar. Ze ging nu naar de meisjesschool in Zeddam en aansluitend naar de Landbouw-Huishoudschool, ook in Zeddam.

Op 20 juni 1946 trouwde zij met Johannes Josephus (Jan) Peters, geboren op 26 januari 1917 op boerderij De Horst in Vethuizen als vierde kind van Wilhelmus Henricus Peters en Theodora Johanna Bles. Het huwelijksfeest werd gevierd op de Goedborg, die tevens hun woonadres werd. Het bruiloft werd gevierd met beperkte middelen. Zo net na de oorlog waren er nog veel levensmiddelen op de bon. Met clandestien slachten, gespaarde voedselbonnen en improvisatie was er toch voldoende om een groot feest te vieren.

Er werden elf kinderen geboren; negen jongens en twee meisjes. Twee jongens zijn al kort na de geboorte overleden. Op 12 februari 1981 is haar jongste zoon Paul op 20-jarige leeftijd overleden ten gevolge van een tragisch verkeersongeluk. Op weg naar de HTS in Arnhem ging het mis ten gevolge van gladheid op de weg. Dit was een grote schok en is nooit vergeten.

Bertha overleed in Zeddam op 8 juli 2012, 92 jaar oud, en werd begraven op de r.-k. begraafplaats in Zeddam. Zij deelt haar graf met haar man, die op 25 augustus 1990 al in Lengel was overleden, 73 jaar oud.

Het dagelijkse leven

Bertha was drie jaar oud toen haar moeder stierf. Dit is altijd een pijnlijke herinnering gebleven. Anderhalf jaar later hertrouwde haar vader met Johanna Gerarda Mulder, geboren in Herwen op 20 juli 1880 als dochter van Petrus Gerardus Patricus Mulder en Johanna Gesina Pouwels. Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren. De relatie met haar stiefmoeder was goed, maar het gemis van haar biologische moeder is altijd aanwezig gebleven.

Bertha was er als jongste van negen kinderen aan gewend dat het thuis druk was. Op de boerderij was er altijd volop bedrijvigheid. Als dochter van een veehouder die ook zakenman was, wist zij hoe een bedrijf gerund diende te worden. Het werk omvatte de verzorging van de koeien, varkens, kippen, paarden, het land, de boomgaard, de groente- en siertuin.

Dan was er nog de zorg voor haar vader, haar stiefmoeder en haar snelgroeiende gezin. Tussendoor was er altijd nog tijd en plaats voor logees van broers, zussen en verdere familie. Haar broer Theet heeft nog een tijd met zijn gezin op de Goedborg ingewoond in afwachting van zijn emigratie naar Frankrijk. Nadat hij zich daar gevestigd had, kwam hij soms logeren met zijn vrouw en enkele kinderen. Ook broer en pater Gerrit kwam regelmatig logeren en vakantie houden. Dit werd als een eer beschouwd en daar was dan veel aandacht voor. Ook haar zussen Willemien en Thea, die beiden non waren geworden, kwamen in hun vakanties logeren. Kortom, het was vaak druk maar tegelijk ook gezellig.

Toen de kinderen nog jong waren werden er practicanten van huishoudopleidingen ingeschakeld. Die werden dan ook langdurig in het gezin opgenomen. Gelukkig was het huis groot genoeg voor al die mensen.

Bertha steunde haar man in alles. De zorg voor het gezin, de kerkelijke verplichtingen, het werk op de boerderij, de familiebezoeken over en weer en nog veel meer. Voor het werk op de boerderij heeft ze eens het diploma "Handmelken" behaald.

Vanaf 1967, toen de noodkerk van de Emmausparochie in Lengel in gebruik werd genomen, was Bertha lid van het gemengde kerkkoor, het Emmauskoor. Hier heeft ze meer dan veertig jaar met plezier gezongen.

Rond haar 60e jaar deed ze bewust een stapje terug van het werk op de boerderij en ging ze meer dingen doen voor "haarzelf". Al eerder, begin jaren zeventig, heeft zij een welfarecursus van het Rode Kruis gevolgd. Daarna was zij jarenlang als welfarewerkster elke dinsdagmiddag in bejaardenhuis Sint-Gertrudis in 's-Heerenberg om de bewoners te helpen met handwerken. Dit was voor haar een wekelijks uitje, dat ze tot op hoge leeftijd heeft gedaan. Op het laatst was ze als lesgever vaak ouder dan de bejaarde leerlingen. Op 11 maart 2002 kreeg zij voor dit werk een onderscheiding van het Rode Kruis voor dertig jaar trouwe dienst.

Op 18 december 1994 heeft Bertha in een interview met de Heemkundekring Bergh over haar oorlogsherinneringen verteld.

Haar poppen

Bertha heeft thuis een zestigtal poppen aangekleed in verschillende regionale klederdrachten, meest Nederlandse maar ook een zestal uit het Münsterland. Alle kleding heeft ze zelf gemaakt en zo nauwkeurig mogelijk nagebootst van tekeningen en foto's. Thuis was voor deze poppen een vitrinekast gemaakt. Met trots liet ze aan alle visite zien wat ze gemaakt had. Ze vertelde dan steeds hoe het gemaakt was en waarom zus en niet zo.

Tientallen keren werd een deel van de poppen ingeladen, omdat Bertha een voordracht ging geven over haar poppen, of omdat haar poppen werden tentoongesteld. Zo was een aantal van haar poppen te zien in de bibliotheek in 's-Heerenberg en in de Rosmolen in Zeddam (7 en 8 mei 1988), maar ook verder weg in het provinciehuis in Arnhem en zelfs in het Belgische Brugge, waar het kant dat zij gebruikte vandaan kwam.

Met haar poppen heeft Bertha regelmatig de lokale en regionale kranten gehaald. Al haar poppen zijn na haar overlijden in 2012 een aantal jaren tentoongesteld geweest in het Dorpshuis in Zeddam. Toen daar in het Dorpshuis geen plaats meer voor was, zijn ze verhuisd naar Museum Smedekinck, Pluimersdijk 5 te Zelhem. Daar worden ze wisselend al dan niet getoond.

Een ongedateerd artikel over Bertha en haar poppen in een niet nader bekende krant.
Een vitrinekast met ongeveer de helft van Bertha's klederdrachtpoppen.
Blijf bij ons, want het wordt avond

Voor de Emmausparochie in Lengel heeft Bertha eens een wandkleed gemaakt met als onderwerp "De Emmausgangers". Dit wandkleed is na de sluiting van de kerk in 2017 verhuisd naar de Pancratiuskerk in 's-Heerenberg, waar het nog steeds te zien is.

Haar oude dag

Bertha Gasseling op haar 90e verjaardag in Sydehem

Rond de tijd van haar pensioen is Bertha samen met Jan in het "Zomerhuisje" bij de boerderij gaan wonen. Na het overlijden van Jan in 1990 is ze naar de Oude Doetinchemseweg 30A in Zeddam verhuisd. Hier heeft ze nog goede jaren gehad.

Toen haar gezondheid slechter werd, was een kamer in Bejaardencentrum Sydehem de oplossing om er nog het beste van te maken. Ook hier heeft ze ondanks haar lichamelijke beperkingen nog een goede tijd meegemaakt.

Bron

  • Lowie Peters, Zeddam